• Wist men het? (2) 1763: een grote slavenopstand in Berbice

Wist men het in de achttiende eeuw?

Voor velen is Berbice nu een van de minder bekende Nederlandse koloniën. Net als in Suriname waren er de meeste mensen als slaven uit Afrika gehaald om op plantages gedwongen te werk gesteld te worden.

Maar was Berbice ook zo onbekend in de achttiende eeuw?

In 1763 kwamen de slaven, aanvankelijk met groot succes, in opstand. De gouverneur van dat moment was Wolfert Simon van Hoogenheim (1760-1764). Hieronder enkele berichten over de opstand in de kranten van de Republiek.

Slavenopstand 1763

In mei 1763 beginnen de eerste berichten door te komen in de Nederlandse kranten.

Opregte Groninger courant  27-5-1763

“Een kapitein van een schip, laastelijk van St Eustatius gearriveerd, heeft bericht, dat de Negers van de Colonie de Berica, een opstand gemaakt hadden, en dat een groot getal Blanken, om hunne woede te ontkomen, aan de Riviere Temerari waren komen vluchten..”

Amsterdamse courant 31 5 1763 : (hertaald)

Amsterdam den 30 May. “De heren directeuren van de kolonie Berbice hebben, tot nog toe geen directe tijding wegens den opstand die in de kolonie zou voorgevallen zijn ontvangen. Alleenlijk heeft Kapitein Roberts, op St Eustatius een beëdigde verklaring gepasseerd … Het komt zeer vreemd voor dat van alle de luiden welke gezegd worden, vluchtende aan de rivier Temerary te zijn aangekomen, geen een brief aan hun vrienden en bekenden hebben gezonden.  En dat er verder ook geen brieven in het vaderland zijn aangekomen. Daarom zullen we voorzichtig moeten zijn met de geruchten die verspreid worden.”

Middelburgse courant:

Amsterdam 30 Mey: Met kapitien Cornelis Spruit,  22 dezer van Surinamen in Texel, en vervolgens aan deze stad gearriveerd, heeft men, dat bij zijn vertrek van daar tijding was gekomen: dat twee plantagien in de kolonie de Berbice door de Negers waren afgelopen.”Dat voorgenoemde kapitein vervolgens aan de Barbados gekomen zijnde, tot den 30 maart aldaar was blijven liggen, en twee dagen voor zijn vertrek van daar met een vaartuig, de droevige tijding was ingelopen “Dat de gehele kolonie de Berbice door de Negers was afgelopen; het kasteel vermeesterd, de Hollandse gouverneur, en zijne familie, benevens nog 22 families door hen vermoord waren . Op deze tijding had de Engelse gouverneur van de Barbados vernoemd aanstonds geresolveerd om twee oorlogschepen, ieder van 20 stukken en 150 man, derwaards te doen vertrekken, met last, om zo dra mogelijk het zij in de rivier Temmeray, of aan de Berbice, te landen er met zijn welgewapende manschap de rebellerende Negers aan te tasten en loon naar werk te doen verlangen.: gemelde kapitein Spuit had den 30 Maart vernoemde oorlogschepen van de Barbados naar Berbice met en gunstige wind zien vertrekken. ‘

Leeuwarder courant 11-6-1763

Londen 31 May

Met brieven van Barbados in dato den 3 April, heeft men van een OPSTAND in de kolonie de Berbice is voorgevallen de volgende omstandigheden bekomen:

In ‘t begin van Maart maakten de zogenaamde Crioelen of Negers die tot het kasteel behoorden een samnrotting van 3000 Man. en vielen met zulken verwoedheid aan t rebelleren , dat zij niemand, t zij Man, Vrouw of Kinderen, zelfs de Plantagie Slaven die enige tegenstand deden spaarden. Den 3 Maart begonnen zij het Kasteel of Fort te belegeren: De gouverneur defendeerde zich tot den 7 dito, als wanneer hij het fort in de lucht deed springen, en zich op een der op de rivier leggende Hollandse schepen salveerde: Vervolgens konde de Muytelingen zich gemakkelijk van alles land de rivier meester maken. Velen van de kolonisten zochten een goed heenkomen met de  vlucht, gelijk ook verscheiden slaven van de plantagien; zijnde onder ander een bestierder met meer dan 100 van zijn welmenende slaven gevlucht…..

en verder…..

Leeuwarder Courant  9-7-1763

Militair nieuws:

Amsterdam 3 July Met brieven van Suriname in dato 14 maart, heeft men, dat daags na het secours aan de plantage de Dageraat op Berbice aangekomen was, de Negers een Attacque van 7 tot 1 uur hadden gedaan, maar met verlies moeten retireren. Op den volgende dag had het hoofd der Muytelingen een voorstag van Vrede aan den gouverneur laten doen, mits dat alle de Rebellen vrij verklaard worden, en dat men hen de helft van de kolonie wilde afstaan, om daar te wonen, maar men sutineerde, dat zulks in genen dele zoude geaccepteerd worden.

Kortom de kranten in Groningen, Leeuwarden, Middelburg en Amsterdam schreven uitvoerig over de opstand van de slaven in Berbice in 1763. Een deel van de mensen in de Republiek moet hiervan geweten hebben.

Ook via de eigen familie die direct betrokken was.

Zie voor meer en hoe het afloopt:

http://www.Delfpher.nl  kranten 1763

En de wiki pagina Berbice over de leiders van de opstand.

contact estherschreuderwebsite@gmail.com

2 comments
  1. Marie-Claire Fakkel said:

    In mijn jeugd hoorde je nog een oud gezegde: “naar de barre biesjes gaan”. Barre Biesjes = Berbice, en het betekent “dood gaan, naar de knoppen gaan e.d.”. Vermoedelijk is dit gezegde niet specifiek gerelateerd aan de opstand van 1763, en wellicht al veel ouder. Ook Europeanen stierven er bij bosjes als gevolg van o.a. slechte voeding, ziekten als dysenterie, niet bij het klimaat passende levensstijl e.d. De slavenopstand van 1763 in Berbice was voor de kolonisatoren een nachtmerrie die werkelijkheid werd – de visuele representatie van de opstand spreekt voor zich – en deze nachtmerrie heeft op verschillende niveau’s invloed gehad. Toch zat het eraan te komen. Overal kampte men uiteraard met rebelse tot slaaf gemaakten die terecht voor zichzelf opkwamen tegen lichamelijke en geestelijke wreedheden in de nachtmerrie waarin zij waren terechtgekomen. In Berbice zelf begon dat al vanaf 1749 naar buiten te komen. In Suriname zijn rond 1750 en 1760 verdragen gesloten met groepen Marrons die niet overwonnen konden worden door de koloniale strijdmachten. Over rebellie en opstand vanuit de onvrijwillig arbeidende klasse (de tot slaaf gemaakten) is destijds ook geschreven door Europeanen die niet tot de heersende koloniale klasse behoorden en zich daar ook niet mee identificeren. Een bekend voorbeeld hiervan is het verslag (dat in 1796 uitkwam) van John Gabriel Stedman over de expeditie 1772 – 1777 tegen nieuwe groepen marrons die de kolonie in Suriname bedreigden. Een nog altijd goede beschrijving van de opstanden in de regio is te vinden in het boek Reinhart: Nederlandse literatuur en slavernij ten tijde van de Verlichting. [Nijhoff, Leiden] 1984, geschreven door A.N. Paasman. Hij schrijft hierin over het ontstaan en verloop van de Berbice-opstand 1763, andere opstanden in de regio, en in meer algemene bewoordingen over de receptie hiervan in Nederland, o.a. op pagina 178.

    • Dank voor deze aanvulling. De verslagen over de opstand in Berbice uit 1763 zijn heel gedetailleerd zag ik tijdens mijn huidige onderzoek. De kolonisten waren doodsbang voor “de Negers”. Het eindigde afschuwelijk voor de opstandelingen. Ik zal Paasman er ook eens bij opslaan. Voor hem moet het moeilijker geweest zijn om zomaar door al die oude kranten te bladeren.

%d bloggers like this: