• Schatgraven: Aquasi Boachi in tijdsdocumenten

(

Inhuldiging Nieuwe Kerk Amsterdam Willem II Pienemandetail Pienemen Inhuldiging

Inhuldiging Willem II in de Nieuwe Kerk in Amsterdam 1840 Nicolaas Pieneman coll Het Loo detail met Aquasi Boachi en Kwame Poku

De kranten van Nederland in de negentiende eeuw over: de Afrikaanse prins Aquasi Boachi en de drie koningen (Willem I, II en III)

Tegenwoordig kun je met een simpele handeling, soms, veel vinden over één enkele persoon. Bijvoorbeeld over Aquasie Boachi (De zwarte met het witte hart van Arthur Japin). De naam Boachi geeft in Delpher (gedigitaliseerde kranten site van de Koninklijke Bibliotheek) meer dan 500 hits. Ook staan inmiddels verschillende afbeeldingen van hem online.

Hieronder een kleine samenvatting van wat er zoal te vinden is over deze Afrikaanse prins die van koning Willem I een opleiding kreeg, bij de inhuldiging van koning Willem II was en door koning Willem III schadeloos werd gesteld. Dit laatste omdat Aquasi, in een naar het uitzag veelbelovende carrière, werd tegengewerkt vanwege zijn kleur en afkomst. De kranten doen hier uitgebreid verslag van.

Aquasi Boachi wist goed gebruik te maken van het medium krant.

Hieronder geschiedenis aan de hand van documenten uit de tijd zelf.

Boachi in tijdsdocumenten

In 1837 werden de tienjarige Afrikaanse prinsjes Kwasi Boachi 1827 –1904 en Kwame Poku 1827–1850 naar Nederland gebracht als onderpand bij een illegale* slavenhandelsovereenkomst met de koning van de Ashanti’s, Kwaku Dua de  Eerste 1797–1867. (zie correctie op deze zin van Ineke van Kessel hieronder)

aquasi en Poku

De prinsen Aquasi Boachi en Kwame Poko door Jacobus Ludovicus Cornet ca 1840

krant bericht aankomst Aquasie en Poku

De twee jongens hadden door hun koninklijke afkomst een uitzonderlijk hoge status voor zwarte mensen in Nederland. Ze pasten echter aan het Hof van Willem I in een eeuwenoude Europese traditie volgens welke zwarte kinderen in de hofhouding werden opgenomen en opgeleid. Zij kwamen aan het hof binnen als koningskinderen en zo lijken ze ook vanaf het begin behandeld te zijn.

Koning Willem I stuurde zoals dat hoort een cadeau terug naar zijn collega in Afrika. Dit schilderij is helaas verloren gegaan.

1838 Ashantijnen schilderij Verveer schilderij van prinsen

De twee jongens werden in Delft als Hollanders opgevoed en opgenomen in de entourage van het Haagse Oranjehof van Anna  Paulowna 1795  –1865 en haar dochter prinses Sophie 1824  –1897. De jongens en later mannen zijn op meerdere kunstwerken en foto’s te zien. Zo staan ze op een schilderij van Nicolaas Pieneman 1809  –1860 duidelijk zichtbaar tussen de genodigden bij de inhuldiging van Willem II in 1840 in de Nieuwe Kerk in Amsterdam (zie boven). En op onderstaande daguerotype is Boachi’s elegantie, voornaamheid en vooral ook belezenheid in beeld gebracht.

Daguerrotype_of_Aquasie_boachie

Daguerrotype van Aquasi Boachi ca 1848 1850 A Francke, collectie Erfgoed Delft en Omsteken

Aquasi Boachi krant delft

 

Aquasi_Boachi in Freiberg 1847 1848 Mogelijk Vogel von Vogelstein

Portret van Aquasi Boachi in de Bergacademie Freiburg Saxen 1847 1848 mogelijk gemaakt door Vogel von Vogelstein (info Bergakademie Freiberg

De kranten blijven  Boachis leven volgen.

1850 Boachi wordt door Willem III benoemd en gaat naar Nederlands-Indië

Boachi 1850 aangesteld in Ned Indie

In 1757 komt hij terug naar Nederland voor verlofVerlof Boachi 1756Java Bode 8 11 1856

1857 Nederlandse staatscourant

In oktober 1857 vertrekt Boachi weer uit Rotterdam       1857 23 10 Nieuw Amsterdam Boachi vertrek Rotterdam

Het blijkt tegen te vallen in Nederlands-Indië. Hij wordt tegengewerkt vanwege zijn kleur en afkomst. Willem III schiet hem te hulp in de vorm van een schadeloosstelling.

Zijn teleurstelling over de vernedering brengt Boachi onder woorden in op een ingezonden artikel:  ‘Ware ik een persoon van enige betekenis of grote invloed, dan zou de aantijging des heren Huet schijnbaar iets voor zich hebben; maar ik ben een onbeduidend wezen, een vergeten burger in een achterhoek van Java en bovendien een Neger, die woont in het land, waar de blanke overheerser minachtend op de kleurling neerblikt

Hij reageert op een stuk  ‘De Goudkust en Siak’ dat eerder gepubliceerd werd. Hieronder zijn hele reactie

De Locomotief: Samarangsch handels- en advertentieblad 24-7-1871

reactie Boachi 1871 deel 1

reactie Boachi deel 2 1871

Er worden excuses aangeboden

reactie op stuk Boachi 1871

De kranten biijven de reisbewegingen van Boachi volgen.

1874 vertrek naar Soerabaja Boachi

Java-bode 25-6-1874 vertrek naar Soerabaia

1887 huis te koop Boachi

Advertentie in Bataviaansch nieuwblad 27-8-1887
Aquasie_Boachi collectie DelftAquasi Boachi in Nederlands Indië 1899 P Hermann coll erfgoed Delft en omstreken

Aquasi dan voor verjaardag 26 4 1897

Java-bode: nieuws, handels-en advertentieblad voor Nederlansch-Indie 26-4-1897

Door de jaren heen schrijven verschillende kranten over het onrecht dat hem is aangedaan en de hulp van koning Willem III.

Ook in 1900, Dan viert Boachi het feit dat hij vijftig jaar in Indië is.

1900 Aquasi en het koningshusi

Zijn levensverhaal komt weer aan de orde als hij in 1904 sterft. Er is dan ook weer aandacht voor zijn neef die zelfmoord pleegde.

1904 sterfbericht Boachi

Een geromantiseerde versie van Aquasi Boachi’s leven is te lezen in Arthur Japins succesvolle roman De zwarte met het witte hart uit 1997. Deze roman is gebaseerd op documenten die de schrijver terugvond.

Op de krantensite Delpher zijn nog veel meer berichten over hem te vinden.

All photos on this site are not intended for any commercial purpose. I have tried to trace all the rules and rights of all images. As far as I know, these images can be used in this way. If you ar a copyright holder and would like a piece of your work removed or the creditline changed then please do not hesitate to contact me.

estherschreuderwebsite@gmail.com

2 comments
  1. ivankessel@casema.nl said:

    Dag Esther,

    Fascinerend! Ik was vertrouwd met het onderwerp vanwege mijn boek over de Afrikaanse soldaten in Ned. Indië ( Zwarte Hollanders). Vandaar een kleine kanttekening: er is m.i. geen sprake van een “illegale slavenhandelsovereenkomst” in 1837. Er is geen reden om het verdrag “illegaal” te noemen: een en ander gebeurde in alle openheid, en ook de Engelsen werden erover ingelicht. Het ging dan ook niet over slavenhandel, maar over de werving van Afrikaanse soldaten voor het KNIL. Veruit de meesten waren van slavenafkomst, maar werden vrijgekocht voordat ze in dienst traden. Over het algemeen was er sprake van een mate van vrijwilligheid. In een aantal gevallen zijn mannen die als recruut waren aangebracht, weer weggestuurd toen bleek dat ze tegen hun wil waren aangemeld. De Afrikaanse soldaten werden (grotendeels) behandeld en betaald als Nederlandse soldaten. Na afloop van hun diensttijd konden ze kiezen uit terugkeer naar Afrika of vestiging op Java. Dat is toch een wezenlijk verschil met de positie van slaven. Voor meer bijzonderheden, zie mijn boek: Zwarte Hollanders: Afrikaanse soldaten in Nederlands-Indië.

    Het verhaal van Aquasi Boachi blijft me boeien, dank je wel voor het schatgraven!

    Ineke van Kessel

    • Hij Ineke,
      Dank voor je correctie. Heel goed om te weten.
      Ik heb je boek, Zwarte Hollanders, hier natuurlijk staan, maar had het er niet opnieuw op nageslagen bij het maken van deze post.
      Dat de soldaten goed behandeld zijn weet ik, maar ik dacht dat ze grotendeels onvrijwillig gingen, gekocht werden en heel lang moesten blijven.
      Zou je ze kunnen vergelijken met de Redi Musu’s in Suriname die daar werden vrijgelaten om met het Nederlandse leger op weggelopen slaven te gaan jagen? Is het: werving van soldaten onder slaven die in ruil voor contract vrijheid krijgen?
      Ik zal een verwijzing naar je correctie in de tekst zetten.

%d bloggers like this: