• Cobra was, volgens de kunstenaars zelf, geen taal of stijl

English version will be next

In de afgelopen dagen ben ik bezig geweest met het schrijven van de inleiding voor een nieuw boek. Het onderzoek voor dit boek is een uitermate interessante reis geweest. Onverwachts bleek namelijk iets dat ik dacht te weten, heel anders te zijn. Altijd leuk.

Waar gaat het boek over?

Cobra magazine nr 4 collectie Ambassade Hotel

Cobra magazine nr 4 Collectie Ambassade Hotel Amsterdam

Cobra, de internationale beweging van kunstenaars, en schrijvers (en meer) tussen 1949 en 1951.

Aanvankelijk zaten er bij de oprichting alleen kunstenaars en schrijvers in uit Denemarken, België en Nederland. Maar dat veranderde snel. In de groep werden kunstenaars, schrijvers, filmers en dichters opgenomen uit Duitsland, Frankrijk, Engeland Amerika, Zwitserland, Zweden, Hongarije en Zuid-Afrika.

Cobra tijdschrift afbeelding

Cobra Magazine, experimentelen uit Denemarken Höst, Belgie (revolutionaire surrealisten) en Nederlandse experimentelen. Collectie Ambassade Hotel

Dit boek gaat over de Cobracollectie van het Ambassade hotel in Amsterdam. Er hangen rond de 500 werken van deze “groep”.kunstenaars.

Wat was het onverwachte aan dit onderzoek?

Constant collage 1948

Constant, Collage, 1948, Collectie Ambassade Hotel Amsterdam

Mijn eerste door de kunstgeschiedenis gekleurde algemene begrip van Cobra veranderde enorm omdat ik in mijn onderzoek de kunstenaars zelf centraal zette.

Wie waren zij?

Wat heeft de beweging voor hen betekend?

En wat betekende het voor het werk dat in de collectie is opgenomen, waren mijn vragen. Daarbij ging ik vooral opzoek naar wat zij er zelf over hebben gezegd: over Cobra en over elkaar. Dat betekende vele documentaires, interviews en boeken uitpluizen opzoek naar de zienswijze van kunstenaars zelf.

En dan blijkt al snel: de geschiedenissen die geschreven zijn over Cobra en de meningen over wat Cobra is, zijn zeer verdeeld. Interessant!

Eigenlijk is er maar één gedegen wetenschappelijk Cobraboek (met noten) geschreven door Willemijn Stokvis. De andere overzichten zijn door vrienden van de Cobraleden geschreven en niet goed geannoteerd. Groot probleem met het onderzoek van Stokvis is dat een aantal belangrijke kunstenaars en andere deelnemers van Cobra het totaal niet eens waren met haar conclusies.

Stokvis in De Taal van Cobra (2004) ‘Wat hun creatieve expressie betreft hield dit voor allen in dat zij in zekere zin een bewuste regressie toepasten naar die laag van het menselijke bewustzijn, waarvan de kunstzinnige uitingen door de conventies van de westerse wereld waren uitgebannen en niet tot de “kunst met een grote K” werden gerekend. Het is de fase die bij kinderen “het prelogisch stadium” wordt genoemd waarin, zoals door primitieven en geesteszieken, voor alle dingen een symbool wordt gevonden en waarin alle dingen bezield lijken: een boom, een tafel, een steen, zijn dynamisch geladen, en mensen en dieren zijn van dezelfde orde. Men kan zeggen dat hier op verschillende manieren het animisme heerst. Werkend vanuit dit verlangen en vanuit de bronnen die zij in dit gebied zochten en aantroffen, ontstond er in hun uitdrukkingswijze een zekere overeenkomst: een gemeenschappelijk taal.’

(Kinderen, geesteszieken en wat zij “primitieven” noemt zijn blijkbaar in het zelfde stadium. Met primitieven wordt waarschijnlijk de niet- westerse traditionele kunst en de voor christelijke Europese kunst, met name uit Scandinavië, bedoeld ES)

Vooral de conclusie van Stokvis dat Cobra een beeldtaal heeft voortgebracht werd door Cobraleden fel bestreden. En wat velen misten in haar onderzoek was het samenwerken dat de leden deden. Dát was volgens velen het belangrijkste aan de Cobrajaren. Met name aan de peintures-mots (woord schilderijen), wandschilderingen en publicaties.

Wat ook volkomen in het verkeerde keelgat schoot was dat Stokvis de kunstenaar Lotti van der Gaag aan de groep toevoegde terwijl deze kunstenaar nooit iets met hen samen had gedaan. Stokvis deed dit omdat het werk verwant was aan wat zij Cobrastijl en Cobrataal noemt en omdat Van der Gaag in het zelfde huis/atelier als Appel en Corneille woonde in Parijs. Maar er woonden nog veel meer kunstenaars in dat ‘huis’. Anderen kunstenaars en schrijvers liet ze weer weg omdat die niet in haar schema pasten.

Haar bevindingen werden wel gretig opgepakt door de musea en de commerciële kunsthandel. Haar kunsthistorische frame maakte de beweging begrijpelijk voor het grote publiek. Musea en handel willen nu vooral de werken hebben die deze Cobrataal laten zien.

Shinkichi Tajiri Rud D'Odessa collectie Ambassade Hotel Amsterdam

Shinkichi Tajiri Rue D’Odessa collectie Ambassade Hotel Amsterdam

Maar als je kijkt naar alle werken die gemaakt zijn in dit tijd en het vanuit de kunstenaars en andere deelnemers bekijkt is de Cobrabeweging veel complexer.  En veel interessanter!

Wat ze zoal zelf zeggen:

Constant manifest

Reflex, Manifest van Constant, Collectie Ambassade Hotel Amsterdam

Constant: ‘Er bestaat geen Cobra-stijl en geen Cobra-esthetiek, al heeft men, met name in museumkringen, vaak getracht , door zorgvuldige selectie deze schijn te wekken. Maar dat is een gevolg van de drang tot catalogiseren. Het ging de kunstenaars van Cobra helemaal niet om een nieuwe kunstvorm. Integendeel, vanaf het allereerste begin hebben zij zich tegen ieder soort formalisme gekeerd, van functionalisme tot socialistisch realisme toe. Ieder part-pris, iedere kunsttheorie is stelselmatig door hen afgewezen, en niets anders is daar ooit tegenover gesteld dan de praktijk in de materiële zin van het woord. …

Cobra is een ontmoeting geweest tussen een aantal personen van verschillende geaardheid, ‘Le grand rendez-vous naturel’ zoals Dotremont het genoemd heeft, kunstenaars, die elkaar vonden in hun gemeenschappelijke afkeer van het steriele klimaat waarin zij leefden. We begrepen zeer goed dat geen van ons individueel in staat zou zijn dat klimaat te doorbreken en dat wij op elkaar aangewezen waren…

Goede morgen haan Constant en Kouwenaar

Samenwerking Constant en Gerrit Kouwenaar, Collectie Ambassade Hotel Amsterdam

De collectieve werken behoren misschien niet tot de beste dat Cobra heeft voortgebracht, maar wel, geloof ik, dat ze voor hen die eraan hebben deelgenomen van groot belang zijn geweest. Zij vooral, hebben Cobra een gezicht gegeven, en àls er van een peinture-Cobra gesproken zou worden, dan zou deze uitdrukking betrekking moeten hebben op de peintures-mots, en de collectieve schilderijen, wandschilderingen en lithografieën, die in de geschiedenis van Cobra af en toe, maar toch regelmatig opduiken in zonder welke de “esprit Cobra” niet goed begrepen kan worden. ‘

Tot zover Constant.

Cobra luik

Laatste Cobratentoonstelling Luik 1951

Voor Dotremont, de bedenker van de naam, ging Cobra meer over het soort mens dat binnen de groep paste: ‘De veelwaarde van Cobra, van bijna alle Cobra-jokers, is ook schrijver, etnoloog, beeldhouwer te zijn, terwijl je eigenlijk schilder bent, zoals Jorn, of schilder, dramaturg, filmer, terwijl eigenlijk dichter bent, zoals Hugo Claus, of je dichterspoëzie  schilderen in het schildersschilderij door snelle, spontaan wederkerige uitwisselingen.’

Er zijn nog meer visies mogelijk en die geven meteen aan dat Cobra niet zomaar in een wetenschappelijk schema te vangen is.

Alechinsky Tong 1

Pierre Alechinsky, Collectie Ambassade Hotel Amsterdam

Mooiste twee beschrijvingen van Cobra komen van Jorn en Troels Andersen. Andersen: ‘Cobra was door en door dialectisch {tegengestelde meningen bediscussiëren om tot een derde mening te komen ES}. Niet alleen was de beweging een alliantie van verschillende nationaliteiten en van verschillende groepen, die ieder in haar eigen situatie waren ontstaan, maar iedere groep bevatte haar eigen tegenstellingen, die doorgegeven werden aan Cobra, en dit alles gaf de beweging haar enorme vitaliteit.’ Met andere woorden: juist de enorme verschillen tussen de kunstenaars maakten Cobra tot een interessant moment in de tijd voor de kunstenaars. Het heeft niet tot een smeltkroes geleid, maar het heeft de kunstenaars en schrijvers richting gegeven.

En Jorn :’Dotremont schreef, formuleerde, en organiseerde, terwijl ik voortdurend opponeerde en het tegendeel beweerde. Wij discussieerden onophoudelijk en waren het op bijna alle punten oneens. Maar de samenwerking was vruchtbaar zo lang wij het konden volhouden. Het punt was dat wij elkaar wilden begrijpen om het met elkaar eens te kunnen zijn. Deze houding schiep een inspirerende samenwerking van een spanwijdte die ongelooflijk breed was.’

Tot slot de man die Cobra toeliet in het Stedelijk Museum van Amsterdam Sandberg : ’De meeste kunsthistorici en zogenaamde deskundigen wilden de kunst uit de kunst afleiden, zij menen dat het een zekere traditie is die zich voortzet, en dat dat eigenlijk de ontwikkeling is. Ik zie het net anders. Ik zie de maatschappijontwikkeling en ik zie uit die maatschappij telkens een plant, een bloem op een stengel oprijzen. Dat is de kunst, de cultuur.’

Meer kunstenaars hierover straks in het boek over de collectie van het Ambassade Hotel.

Met dank aan Graham Birtwistle die hier al eerder uitgebreid over schreef.

Hij gaat in zijn stukken veel dieper op deze materie in.

Graham Birtwistle, ‘Terug naar Cobra. Polemiek en problemen in de historiografie van Cobra. Jong Holland 1988/ Het Cobra nr (5) en in

Gramham Birtwisle, ‘Cobra: Polemik, Rezeption, Nachleben’ Manifeste: Intentionalität, En mij wees op een paar bijzonderheden.

Het citaat van Constant komt uit het eerste nummer van Beeld 1984, een uitgave van de studenten van de Universiteit van Amsterdam.

All photos on this site are not intended for any commercial purpose. I have tried to trace all the rules and rights of all images. As far as I know, these images can be used in this way. If you ar a copyright holder and would like a piece of your work removed or the creditline changed then please do not hesitate to contact me.

For more information  estherschreuderwebsite@gmail.com

Comments are closed.

%d bloggers like this: