• Hoge Europese adel speelt ‘Moor’, ‘Ethiopiër’, Afrikaan of Afrikaans werelddeel

Husarisch Toernooi in morenkleding Kunsthistorisch Museum WienNiet velen weten dat in Europa in het verleden blanke koningen en hoge adel in de rol van “zwart” of het werelddeel Afrika kropen.

Kunsthistorisch museum Wien 2005

Een van de beste gelegenheden voor een vorst om de rol van een ‘Afrikaan’, ‘Ethiopiër’ of ‘Moor’ te spelen, waren speciale festiviteiten. Een aantal van die feesten is vastgelegd door kunstenaars.

Het Württembergse hof, 1616 –1617

Vanaf de late middeleeuwen waren feesten en toernooien een belangrijke gelegenheid om een doop, bruiloft of intocht van een Europese vorst te vieren. Op dergelijke feesten werden onder meer eindeloze  triomftochten gehouden met trommelaars en trompetten en vele schijngevechten geënsceneerd tussen bijvoorbeeld  de ‘Christenen’ en de ‘Moren’ of de ‘Scythen’ of de ‘Turken’. Daarnaast werden toernooien georganiseerd en werd er gedanst.

Bij al deze activiteiten waren exotische verkleedpartijen onmisbaar. Voor het spelen van ‘een Moor’, door blanken, werden bijvoorbeeld speciale maskers gemaakt. Enkelen maskers zijn nog terug te vinden in midden Europese musea. Witte mensen kropen in de huid van zwarte, tijdens deze feesten  en echte zwarte mensen werden prominent ingezet als blikvanger.

De meeste van deze optredens dienden behalve ter vermaak vooral als visuele propaganda.

Een weergave van een dergelijke gebeurtenis ter ere van een doop in 1616 in Stuttgart, wordt gegeven in het prentenboek Repraesentatio der fürstlichen Aufzug und Ritterspiel uit 1617.

De prenten zijn deels vervaardigd door de Nederlandse tekenaar, prentkunstenaar en goudsmid Esaias van Hulsen 1570 –1625?, die in dienst van het Württembergse hof was. Opdrachtgever van het feest en het prentenboek was hertog Johan Frederik van Württemberg 1582 –1628.

In het boek is een visueel en tekstueel verslag te vinden van het ballet, de feesten, de optochten en het toernooi. Er figureren diverse echte en niet echte zwarte mensen op de prenten.

Een intrigerende prent in het boek is bijvoorbeeld die van de Dans der Naties.

De eerste aandacht op de afbeelding gaat in eerste instantie uit naar de vier grote hoofden, één daarvan is een zwarte Morenkop met bandana.  Maar veel interessanter nog is de beschrijving bij de prent. Er wordt namelijk vóór de koppen een ‘morendans’ opgevoerd, waarbij een van de Moren een ‘Ethiopische sprong’, een radslag, uitvoert.

De antropologe Monika Firla ontdekte, tot haar eigen grote verrassing bij documentatie onderzoek, dat de dansende moor die de Ethiopische sprong uitvoert, de hertog Johan Frederik zelf is. Op de prent is hij te zien, met ontbloot bovenlijf en verenkroon, terwijl hij een aanloop maakt om de radslag uit te voeren. Johan Frederik neemt hier de rol aan van een dansende, zwarte, halfnaakte Afrikaan. De rollen werden even omgedraaid, wat wel vaker tijdens feesten op Europese hoven gebeurde.

hertog Johan Frederik van Württemberg 1582 –1628.

Hertog Johan Frederik van Württemberg 1582 –1628.

Na de Dans der Naties zijn vele prenten van optochten opgenomen, waarop een aantal machtige mannen van dat moment, met hun gevolg voorbij trekken. In dit gevolg zijn diverse zwarte Afrikanen verbeeld. Zo heeft Frederik V van Palts (1596 –1632, ook bekend als de ‘Winterkoning’, die later naar Den Haag verhuisde), een zwarte, volgens de tekst echte (natürlicher) Ethiopische, paukenist te paard in zijn stoet. Wat hierbij opvalt is dat het bovenlijf van deze paukenist ontbloot is. En in de begeleidende tekst bij de prent, krijgt de kleur van zijn lichaam extra aandacht. Hij wordt beschreven als zonverbrand.

Wat opvalt, is dat alleen de zwarte muzikanten het bovenlijf soms ontbloot hebben in deze serie prenten. Misschien vond de opdrachtgever, of de kunstenaar, dat deze zwarte gespierde lichamen extra indruk maakten?

In ieder geval versterkten de zwarte trommelaars door hun uitzonderlijke en indrukwekkende uiterlijk hun symboolfunctie van verkondigers van de macht van de hoge adel. Pauken en trompetten hoorden traditioneel bij heersers.

Opvallend is dat alle zwarte ‘Moren’ in de beschrijvingen ‘mooie’ rode kleding dragen. Zouden ze misschien ook het element vuur in deze optochten vertegenwoordigen?

Esaias van Hulsen vervaardigde in datzelfde jaar, 1617, een prent waarop carrouselrennen te zien zijn met de vier elementen als thema. De Moren symboliseren hier het vuur, de Turken de lucht, de Romeinen de aarde en de ‘Amerikanen’ het water.

Feest Wurttenberg vuur

De ‘Moren’ werden hier aangevoerd door Julius Friedrich von Württemberg, de broer van de hertog.

De vrouw van de bovengenoemde Frederik V van Palts, de man die de ‘natuurlijke Ethiopiër’ in zijn gevolg had, was Elizabeth Stuart 1596 –1662, de dochter van de Engelse koningin Anna van Denemarken. Koningin Anne had een bijzondere band met zwarte Afrikanen, lijkt het.

Anna van Denemarken 1574 –1619

Anna van Denemarken Marcus Gheeraerts the Younger

Anna van Denemarken Marcus Gheeraerts the Younger

Koningin Anna 1574 –1619 gaf in 1605 Ben Jonson de opdracht een toneelstuk Masque of Blacknesse te schrijven. In deze maskerade die aan het hof werd opgevoerd, kregen zwarte Afrikanen de hoofdrol. Koningin Anna nam zelf de hoofdrol op zich: die van de dochter van koning Niger. Anne of Denmark

Voor Anna, die zich in een moeilijke positie bevond aan het hof door haar keuze voor het katholicisme in een protestante omgeving, was dit stuk wellicht persoonlijk belangrijk. Waarschijnlijk voelde ze zichzelf een buitenstaander en kon ze zich inleven in de positie van zwarten in een witte omgeving.

Paul Somer Anne of Denmark 1617

Paul Somer Anne of Denmark 1617

Ze is daarbij ook waarschijnlijk de eerste Noord-Europees opdrachtgever die zich laat portretteren met een zwarte page. Het gaat om een schilderij door de Vlaamse kunstenaar Paul van Somer (ca. 1576 –1621). De page is opvallend groter dan de koningin. Dit thema in de kunst wordt later overgenomen door Anthony van Dyck en in de jaren zestig van de zeventiende eeuw heel populair in de Nederlanden bij kunstenaars als Jan Mijtens. Bij de latere werken zijn de pages bijna altijd kleiner over kinderen.

In Zuid-Europa waren, voor zover bekend, slechts drie mensen haar al voorgegaan: Laura de’ Dianti (gest. 1573) die door Titiaan werd geportretteerd met een zwarte jongen (ca. 1521); Johanna van Oostenrijk 1536 –1573 van wie in Portugal door Cristóvão de Morais een portret met een zwarte jongen werd gemaakt (1553); en een anonieme veldheer die zich door een zwarte en een witte page, beiden jongens, laat begeleiden op een werk van de Italiaanse kunstenaar Paris Bordone (ca. 1540).

Titiaan Laura de'Dianti  

Paris Bordone

Een mogelijke reden is dat het voor sommige koningen en andere hoog geplaatsten aantrekkelijk was om opvallende vreemdelingen naast zich te hebben. Zij waren zelf ook ‘exoten’ die buiten de maatschappij leefden. De aandacht werd zo verdeeld en versterkt.

Gebeurtenissen en beschrijvingen van feesten en toneelstukken als de bovenstaande zijn op grote schaal ook aan andere Europese hoven aan te treffen. Zo zijn er bijvoorbeeld prachtige beschrijvingen van de festiviteiten aan het hof van Schotland rond 1500, en gebruikte de Milanese hertog Ludovico Sforza 1452 –1499 zwarte Afrikanen als zijn persoonlijke symbool. Zijn zoon werd soms afgebeeld als levensechte zwarte Afrikaan. Prof. Elizabeth McGrath vestigde tijdens mijn onderzoek ook de aandacht op de inkomst van de Habsburgse aartshertog Ernst van Oostenrijk 1553 –1595 in Antwerpen in 1594. Daarbij werden wederom echte en niet echte Afrikanen ingezet. Baron Jan de Bernesteyn nam hier de rol van de koning van Ethiopië op zich.

Esther Schreuder  Zie voor meer adel en ‘zwart’ post category > Royalty.

Meer informatie en voetnoten bij deze tekst in de catalogus Black is beautiful Rubens tot Dumas 2008 (helaas uitverkocht)

———————————————————————————————

Extra: omdat deze post zo goed gelezen wordt hierbij aanvullende literatuur voor wie meer wil lezen over deze materie:

Peter Martin, Schwarze Teufel, edle Mohren. Afrikaner in Geschichte und bewusstsein der Deutschen, 2001

Black Africans in Renaissance Europe ed T.F. Earle and K.J.P. Lowe. 2005

H.W. Debrunner, Presence and Prestige Africans in Europe, 1979

M. Firla, Exotisch-hofisch-bürgerlich, Afrikaner in Württemberg vom 15. bis 19. Jahrhundert 2001

ten.cat. Der Mohrenkopfpokal von Christoph Jamnitzer Bayerisches Nationalmuseum München, 2002

tent cat Wir sind Helden, Habsburgische Feste in der Renaissance Kunsthistorisches Museum Wien, 2005

The Image of the Black in Western Art  (div jaren div uitgaven)

en meer

Het onderzoek is tot stand gekomen met ondersteuning van Het Amsterdams Fonds voor de Kunst, De Mondriaan Stichting en Het VSB fonds. De publicatie werd ondersteund door het Prins Bernhard Cultuur Fonds.

——————————————————————————————

Contact: estherschreuderwebsite@gmail.com

English version here

Zie ook voor kleding Rembrandts trommelaars en Cupido en Cedron

Extra ivm discussie op Linkedin over De Harlekijn in Europa. Hierbij uit mijn archief  De “zwarte” Harlekijn (Jumping jack, Clown: voorloper van de blackface?)

Karel Dujardin  (17e eeuw)

Karel  Dujardin Commedia Countryside

Karel Dujardin Commedia Countryside

Cornelis Troost (1696-1750)

:

Cornelis Troost De verloren schildwacht 1745

Cornelis Troost De verloren schildwacht 1745

Troost Arlequin als barbier Rijksmuseum

Troost Arlequin als barbier Rijksmuseum

Troost Rijksmuseum Arlequin als barbier

Troost Rijksmuseum Arlequin als barbier

Jean Antoine Watteau (1684-1721)

Watteau Emperor of the Moor detail

5 comments
  1. Danielle van Zuijlen said:

    interessant!

  2. Els Arends said:

    Wat een leuk artikel. Het doet me ook denken aan de Maja-schilderijen van Goya waarop de adelijke dames zich als volksmeisje lieten portretteren.

  3. Piet de Boer said:

    Leuk en interessant artikel.

  4. Jeanine Dekker said:

    Ook stedelijke regenten stelden er een eer in om zwarte mensen te laten figureren op portretschilderijen. Don Miguel de Castro, een afgezant uit de Congo, en diens twee knechten verbleven in juni 1643 in Middelburg. Zij werden daar ontvangen door de bewindhebbers van de Kamer Zeeland van de Westindische Compagnie. Bij die gelegenheid gaven de bewindhebbers de Middelburgse schilder Becx opdracht portretten van de zwarte mannen te maken. De Kamer Zeeland schonk drie portretten aan graaf Johan Maurits van Nassau, de voormalig gouverneur van Brazilië, bij diens bezoek aan Middelburg in 1644. De portretten bevinden zich nu in het Rijksmuseum. De kunsthistorica Katie Heyning publiceerde er in 2008 over in Terug naar Zeeland; topstukken uit de 16e en 17e eeuw, een publicatie van het Zeeuws Museum.

    • Dank voor deze toevoeging, een interessante geschiedenis. Het zijn inderdaad bijzondere portretten. Eerder ook al te zien geweest in het Mauritshuis.
      Weet je zeker dat de portretten zich in het Rijksmuseum bevinden? Bij mijn onderzoek voor Black is beautiful kwam ik ze in Kopenhagen tegen. Ik koos ervoor alleen 3 grote Albert Eckhouts uit Kopenhagen te laten zien. Mooi dat deze werken tegelijkertijd in Middelburg te zien waren.