• ‘Black’ in de collectie van het Centraal Museum van Utrecht

Andere verhalen in de collecties van Nederland, soms al eeuwen oud.

English version: < ‘Black” in the collection of the Centraal Museum> 

————————————————-Collectie Centraal Museum Utrecht

Charles Roelofsz Fantastische voorstelling 1930Charles Roelofsz 1897 –1962 Fantastische voorstelling 1930 Olieverf, gouache op doek.

Charles Roelofsz heeft hier gekozen voor twee opvallende, op het oog onverenigbare erotische figuren: een blanke vogelachtige vrouw, misschien gerelateerd aan de revuedames op het toneel, en een aardse zwarte man met een slakkenhuis op zijn rug. De kleuren die hij voor dit werkt gebruikte zijn heel poezelige, lieve pasteltinten.

Roelofsz raakte geïnspireerd door het bijeenbrengen van ongelijkwaardige dingen in een niet-rationele orde; een element dat in veel werken van surrealisten voorkwam. De schilder, tekenaar, illustrator en wandtapijtontwerper wordt dan ook tot de weinige Surrealisten van Nederland gerekend.

Over het bijeenbrengen van ongelijkwaardige zaken schreef de kunstenaar Jacob Bendien 1890 –1933 in 1933 in De Groene Amsterdammer: ‘Deze combinaties worden niet bedacht. Zij ontstaan van zelf in het onderbewustzijn. Het is onze zin voor het wonderlijke, niet voor sterke staaltjes van stichtelijkheden, maar voor het direct pakkende wonder; dat deze realiteiten bij elkaar brengt en de spanning het wonder, die ze bijeenhoudt […].’

Deze fantastische voorstelling van Roelofsz zou de macht van de vrouw over de man kunnen verbeelden, een populair onderwerp onder de surrealisten. Daarnaast heeft het trekjes van Het Chemisch Huwelijk van Christian Rosenkreutz. Dat is een bizar, bij alchemisten populair, verhaal uit 1459 over een aantal figuren die verschillende gedaanten aannemen. Het eindigt in de vereniging van twee uitersten. Ook alchemie werd populair onder de surrealisten,bij wie het verenigen van tegengestelden zoals lichaam en geest een belangrijk thema was. De Franse surrealisten kwamen samen in de Parijse kroeg Le Bal Nègre waar zwarte en witte mensen zich met elkaar verenigden.

Zie hieronder voor Bal Nègre  Esther Schreuder

————————————————-Collectie Centraal Museum Utrecht

John Raedecker Bal Negre coll Centraal Museum Utrecht John Raedecker 1885 –1956 Bal Nègre ca. 1929 –1930 Potlood, aquarel en kleurpotlood

Op deze tekening zien we nog net de letters ‘Bal Nègre’ in spiegelschriftachter de twee artiesten staan. De entertainers, waarschijnlijk muzikanten, zijn hard en bijna karikaturaal in sobere kleuren neergezet. De tekening is veel harder en dynamischer dan andere tekeningen die we van deze kunstenaar kennen. Zijn andere werken zijn dromeriger. Het schilderij, waar deze tekening waarschijnlijk een voorstudie voor is, heeft volstrekt anders uitgepakt. Daarop zijn de mensen minder karikaturaal, zijn de woorden ‘Bal Nègre’ verdwenen en lijken de man en vrouw een echtpaar in plaats van artiesten.John Raedecker Bal Negre detail

De tekening is gemaakt tijdens of naar aanleiding van een bezoek aan het Bal Nègre op Rue Blomet 33 in Parijs, waar Raedecker op dat moment niet ver vandaan woonde. Het ‘Bal’ was door de uit Martinique afkomstige Jean Rézard des Wouves voor zijn landgenoten geopend in 1924. Elke zondag kon er door de Antillianen, maar natuurlijk ook door anderen, worden gedanst. Al snel werd het een verzamelplek voor een brede variëteit aan gekleurde Parijzenaars, waaronder veel Afrikanen en Afro-Amerikanen.

Ook werd het bal door de surrealisten ontdekt. Het werd de stamkroeg van Parijse avant-gardekunstenaars en schrijvers als Pablo Picasso 1881 –1973, Robert Desnos 1900 –1945, André Masson 1896 –1987, Alexander Calder 1898 –1976, Man Ray (Emmanuel Radnitzky, 1890 –1976, Moise Kisling 1891 –1953 en Joan Miró 1893 –1983. Miró, Desnos en Masson hadden hun atelier in dezelfde straat. Nederlandse kunstenaars als Piet Mondriaan 1872 –1944 en Charley Toorop 1891 –1955 ontdekten de bar ook. Vooral de eerste zou er bijna dagelijks gezeten hebben omdat hij zo van ‘negermuziek’ en ‘negerdans’ hield.

Omstreeks 1930 introduceerde bijvoorbeeld de componist en muzikant Ernest Léardée 1896 –1988 uit Martinique hier Biguine Jazz, Caribische jazz . John Raedecker is vooral bekend geworden als beeldhouwer, maar kon daarnaast prachtig tekenen. Voor zijn beeldhouwkunst oriënteerde hij zich net als Picasso en anderen op de ‘primitieven’. Al heel vroeg ging hij Afrikaanse en Melanesische kunst verzamelen.

Deze kunstwerken had hij in Parijs, tijdens zijn verblijf in 1911 –1914, leren kennen. Hij bewonderde de werken niet alleen om hun schoonheid, maar vooral om de manier waarop deze kunstenaars met moeilijk materiaal waren omgegaan. Op de tekening zijn opvallende witte vlekken te zien. Of deze opzettelijk zijn aangebracht door de kunstenaar of een ‘ongeluk’ zijn, is niet duidelijk. Esther Schreuder zie voor meer en voetnoten cat Black is beautiful, Rubens tot Dumas

————————————————–Collectie Centraal Museum Utrecht

Battling Siki Isaac Israels coll Centraal Museum UtrechtIsaac Israëls 1865 –1934 Negerbokser (Battling Siki) 1914-1915                                              Olieverf op doek, 124 x 98 cm

‘De eerste zwarte bokser die echt beroemd werd in Nederland, was Battling Siki, een Senegalees die getrouwd was met een Rotterdams meisje’ aldus de Rotterdamse Europees kampioen boksen Bep van Klaveren in 1989. Bep van Klaveren 1907 –1992 wist nog meer over Battling Siki 1897 –1925 te vertellen naar aanleiding van een spectaculaire overwinning in 1921: ‘Die jongen zat gebeiteld. Door hem begonnen mensen te zeggen dat negers beter konden boksen dan blanken. […] Trok in die jaren veel publiek hoor, een neger die bokste […].’ Hij weet ook hoe het afgelopen is met Siki: ‘Hij kon wel boksen, hoor ha, nou en of. […] Battling Siki is toen naar Amerika gegaan, maar daar sloegen ze hem total loss. Ik heb hem daar wel eens aan het werk gezien. Tjonge tjonge, wat kreeg hij ervan langs. Hij was aan de cocaïne en is in Amerika door iemand uit de drugsbeweging doodgestoken.’

film op youtube

Israëls schilderde deze legendarische wereldkampioen omstreeks 1914 –1915 in het hier getoonde werk, dat hij Negerbokser noemde. Israëls was een groot boksfan en dat is een van de redenen dat hij tijdens zijn verblijf in Londen Siki diverse malen in actie schilderde. Op dit werk zien we Siki met bokshandschoenen aan in rust, in de ring. Op de achtergrond is met vage contouren het publiek afgebeeld.

Alles is in bruine en zwarte toetsen weergegeven. Siki’s lichaam en gezicht zijn een schakering van heldere en donkere bruine vlakken. Hierdoor wordt vooral de lichtval op zijn gespierde lichaam benadrukt. De bruinkleuren variëren van geelbruin tot roodbruin.

isaac Israels detail Battling Siki Het geheel drukt een moment van rust uit, kort na en kort voor een explosie van energie. De bokser concentreert zich op het vervolg van het gevecht….. lijkt het.

Dat het om een echt gevecht ging, is echter te betwijfelen. Volgens Anna Wagner had de schilder om de werken te kunnen maken speciaal een zaal gehuurd en publiek laten komen. Sierkunstenaar Theo Nieuwenhuis 1866 –1951 bezocht Israëls in Londen in 1915 en deed verslag van deze werken in een brief aan de kunstenaar Willem Witsen 1860 –1923. ‘[…] I. heeft mooie dingen in Londen gemaakt. Worstelaars, een neger en een blanke, prachtig van actie en van naakt. Dat is je ware naaktstudie […].’

Israëls vervaardigde in ieder geval drie olieverfschilderijen van Siki. Eén van de bokser die in de touwen leunt, één van Siki aan het boksen tegen een blanke tegenstander, en het hier besproken werk. Het eerste schilderij werd in 1930 in het ‘Negernummer’ van De Groene Amsterdammer afgedrukt. De Kunstcriticus Albert Plasschaert 1866 –1941 schreef in het bijhorende artikel over zwarte boksers: ‘Zij zijn den schilders nieuwsgierigheid, en van andere kleur, en van andere schaduw, en om het hoogste licht op hun lijf anders, en tegenover een gelijk blauw, rijk en nieuw, en daarom schilderen de schilders ze nu (hun kleur is toch wezen) en als wij de beeltenissen van den zwarte gaarne zien in onze verzameling, is dat toch een nederlaag voor ons; want gedeeltelijk zijn zij nog rariteit, maar gedeeltelijk zijn zij misschien nootlot- dat wij niet vrezen mogen, want dan werd dat lot wenzentlijk en verdiend […].’ Op de moeilijk te doorgronden betekenis van deze laatste passage ging hij verder niet in. Esther Schreuder.  Zie ook documentaire over Siki.

Later meer over boksers in de kunst

————————————————–Collectie Centraal Museum Utrecht

Doop van de Kamerling Abraham Bloemaert  coll Centraal Museum Abraham Bloemaert 1564 –1651 (en/of Hendrick Bloemaert 1601 –1672?)                               Doop van de Kamerling 1620 –1625 Olieverf op doek, 219 x 153,6 cm (bruikleen ICN)

Bloemaerts Doop van de Kamerling is door zijn monumentaliteit een opvallend werk. Op dit schilderij vindt levensgroot de Doop van de eunuch plaats, de schatbewaarder van de Kandake, de koningin van Ethiopië. De Kamerling is gekleed als een Romeinse legerofficier. Hij draagt een brede gedecoreerde metalen band om zijn middel, over een versierde tuniek, en heeft een laudamentum om, een hoge officiersmantel afgezet met goud. Naast hem ligt een tulband, daarnaast zijn kromzwaard.

detail Een zwarte man afgebeeld als Romeinse legerofficier of zelfs als keizer is in deze periode geen zeldzaamheid. Uit de zestiende eeuw zijn bijvoorbeeld minstens zestien cameeën overgebleven waarop zwarte Romeinse keizers staan. In de Nederlanden werden in diezelfde eeuw regelmatig Zwarte Koningen in Romeins tenue afgebeeld.

Drake Jewel coll. V & A London Drake Jewel Victoria and Albert London Elizabeth 1

De Kamerling kijkt in extase en in volle overgave omhoog. Bloemaert suggereert hier dat rijkdom en militaire kracht tot het juiste geloof worden gebracht. De compositie is gevuld met een imposante groep Afrikanen die toekijken. Allen hebben een tulband op, sommigen zijn gekleed als Romeinse soldaten. Het cortege lijkt dan ook meer een leger op oorlogspad te zijn dan een groep begeleiders van een hooggeplaatste pelgrim.

detail doop van de kamerlingOngetwijfeld wilde Bloemaert daarmee toespelen op de onverschrokkenheid van zwarte soldaten, zoals die in zijn eigen tijd bekend waren uit de Turkse legers. De Turken of Ottomanen waren in de zeventiende eeuw de belangrijkste bedreiging van het christelijke Europa. In Nederland heerste daarnaast echter ook een ‘Turkomania’.

Ongewoon aan dit werk is het enorme zwarte gevolg op de achtergrond. Bij protestantse werken is het vaak een ingetogen en serene privé scene. Hier is daarentegen een grootse gebeurtenis te zien: een theatrale en publieke aangelegenheid. Dit werk lijkt mede daardoor voor een katholieke opdrachtgever te zijn gemaakt. De aanwezigheid van de Turkse en Romeinse kleding en het ontbreken van de bijbel geven verder voeding aan deze hypothese.

Bloemaertkenner Gero Seelig schrijft bovenstaand schilderij aan Hendrick Bloemaert  toe. Dat het niet om een werk van Abraham zou gaan, baseert hij op het feit dat het gehele beeldvlak is gevuld met mensen en dat de hoofden onderling weinig verschillend zijn. Andere specialisten houden het echter op Abraham zelf. Mogelijk hielp Hendrick zijn vader met dit werk. Esther Schreuder.

Voetnoten in tentoonstellingscatalogus Black is beautiful Rubens tot Dumas

Op deze site zijn meer werken uit de collectie van het Centraal Museum te zien: KLIK Opmerkelijke werken post  en een detail van onderstaand schilderij (met slavenband) is te zien op klijk Black is beautiful, Rubens to Dumas info. En er zijn nog meer werken, ook hedendaags.

Philip Van Dijk familie Friesheim

Zie voor meer publicatie en opdrachtgevers > publications < en >About me <

U kunt gerust contact opnemen voor meer informatie en eventuele opdrachten : estherschreuderwebsite@gmail.com

Comments are closed.